BioMelk Vlaanderen cvba

BioMelk Vlaanderen cvba is een coöperatie van biologische melkveehouders, die de melk van haar leden ophaalt en verhandelt. De coöperatie werd in 2002 opgericht en  telt zo’n 23 leden in Vlaanderen. Vanaf 2006 wordt eveneens samengewerkt met Waalse biologische melkveehouders. De melk wordt hoofdzakelijk verkocht aan andere melkerijen en verwerkt tot diverse biologische zuivelproducten. Een klein deel van de melk wordt verwerkt tot kaas.

 

Tot 1999 was er in Vlaanderen geen gestructureerde afzet voor biologische melk naar een industriële biologische zuivelverwerker. De weinige bedrijven die toch kozen voor de biologische productiewijze, moesten de afzet van hun melk zelf organiseren. Vaak werd dan ook gekozen voor het zelf verwerken van de melk. Aangezien dit echter arbeidsintensief is en de nodige vakkennis vereist bood dit slechts een oplossing voor een beperkt aantal bedrijven.
Van 1999 tot het najaar van 2001 was er een afzetmogelijkheid van rauwe melk naar Biomilk NV uit Vielsalm. Dit bood goede perspectieven waardoor een 20-tal bedrijven hierin een voldoende stimulans zagen om hun bedrijf om te schakelen. Door bedrijfseconomische moeilijkheden bij Biomilk NV werd deze samenwerking echter opgeschort einde 2001.
Als onmiddellijk gevolg hiervan werd in februari 2002 BioMelk Vlaanderen cvba opgericht met 23 Vlaamse biologische melkveehouders. Gezamelijk hadden deze melkveehouders een melkquotum van 5 miljoen liter. Door een goede samenwerking met enkele lokale afnemers van melk slaagde de coöperatie erin een goede melkprijs te realiseren voor haar leden. De melk wordt verkocht aan diverse melkerijen (o.a. MIK – Pur Natur) en verwerkt tot o.a. consumptiemelk, yoghurt en platte kaas. Reeds vanaf 2002 wordt een beperkt deel van de melk in de Damse Kaasmakerij verwerkt tot kaas. Naast enkele halfharde kazen (Briodor, Briodor met peper en look, Briodor met daslook en Briodor Light) worden ook enkele zachte schimmelkazen gemaakt (Damse Brie, Damse Kruidenbrie en Damse Mokke).

 

Einde 2005 wilde een groep Waalse melkveehouders ook een biomelkcoöperatie oprichten, ondermeer omdat de biologische melk in sommige Waalse regio’s niet als dusdanig werd opgehaald en ook omdat sommige bestaande biologische melkveehouders in Wallonië ontevreden waren over de melkprijs die ze door hun toenmalige melkerij uitbetaald kregen. Na overleg met BioMelk Vlaanderen cvba werd beslist om nauw samen te werken, in plaats een aparte coöperatie op te zetten. Begin 2006 werd de samenwerking gestart. De uitgebreide coöperatie groeide in geen tijd van een 20-tal leden in Vlaanderen (met ±5 miljoen liter melk) naar 50 leden over heel België. Met een productie van ± 12 miljoen liter melk werd de coöperatie op korte tijd verantwoordelijk voor 40% van de Belgische biologische melkplas. Enkele leden van BioMelk Vlaanderen dachten dat deze drastische groei zou leiden tot een moeilijke verkoop van de extra melk. In de praktijk was het tegendeel het geval. Het was zelfs zo dat de melkprijs van de andere melkerijen steeg onder invloed van de verhoogde concurrentie. Hierbij moet wel vermeld worden dat  de internationale vraag naar biologische melk einde 2005 sterk toenam na een moeilijke marktsituatie vanaf 2002.

 

Sedert 2002 wordt ook samengewerkt met de Damse Kaasmakerij voor de productie van ambachtelijke biologische  kaas. Het grote voordeel voor de coöperatie om de melk tot kaas te verwerken is dat er extra waarde wordt toegevoegd aan de melk en dat de prijs voor kaas vrij stabiel is. Dit laatste is niet onbelangrijk gezien de liberalisering van de zuivelmarkt met zéér sterke prijsschommelingen als gevolg. In dat kader biedt een stabiele kaasprijs meer bedrijfszekerheid en vergemakkelijkt het bedrijfs-investeringen op langere termijn. Een ander voordeel is de diversificatie van de afzet. Hierdoor wordt de coöperatie minder afhankelijk van een beperkt aantal afnemers.